Auteur Archief

Regels voor een lijkwade, een baar is verplicht

Vraag:

Ik lees dat een crematorium of begraafplaats extra regels kan hebben. Maar wat zijn dan de gewone wettelijke regels die er absoluut ook moeten zijn, geldend voor elke begraafplaats/crematorium. Het gaat me om de van overheidswege vastgestelde recentste wettelijke regels t.a.v. omhulsels in uitvoering en samenstelling ( en misschien ook wel tijdens vervoer/zichtbaarheid van de overledene enz.).

Het is mij bekend, dat begrafenisondernemers dit onderwerp mijden wellicht o.a. omdat aan een kist meer verdiend wordt.

Antwoord:

Geachte heer of mevrouw,

Wettelijk zit het zo: artikel 32 van de Wet op de lijkbezorging regelt dat o.a. omtrent de wijze van begraven bij algemene maatregel van bestuur regels kunnen worden gesteld.

Deze regels zijn opgenomen in het Besluit op de lijkbezorging (Besluit van 4 december 1997, houdende voorschriften ter uitvoering van de Wet op de lijkbezorging), laatst gewijzigd Staatsblad 2002, 140.
Zie http://www.uitvaart.nl/page_302.html

Paragraaf 3 van het Besluit op de lijkbezorging gaat over de wijze van begraven. Deze paragraaf bevat twee artikelen:
Artikel 3
1. Een lijk wordt begraven in een kist.
2. Begraving mag geschieden zonder kist, mits het lijk zich bevindt in een ander omhulsel. Dit omhulsel moet op het doel van begraving zijn afgestemd.
Artikel 4
1. Een kist of ander omhulsel mag niet zijn vervaardigd met toepassing van kunststoffen of metalen.
2. Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van:
a. kunststoffen of metalen die worden gebruikt voor handvatten, ornamenten en verbindingselementen als spijkers, schroeven, nieten of klemmen;
b. door Onze Minister van Binnenlandse Zaken aangewezen kunststoffen of toepassingen van kunststoffen.

Artikel 4, tweede lid, onderdeel b, van het Besluit op de lijkbezorging is weer uitgewerkt in het Lijkomhulselbesluit 1998. Zie http://www.uitvaart.nl/page_793.html.

In de kern komt het er op neer dat een lijkomhulsel op het doel van begraven moet zijn afgestemd: dat betekent dat het materiaal lucht moet doorlaten en biologisch afbreekbaar moet zijn. En dat is eigenlijk gewoon een kwestie van gezond verstand. Iedereen snapt dat je een stoffelijk overschot niet stevig in plastic moet wikkelen.

Er zijn geen verdere regels voor de uitvoering en samenstelling van lijkwades of andere omhulsels. De wetgever is over de hele lijn van de lijkbezorging terughoudend met regels om nabestaanden maximale vrijheid te geven, ook om de uitvaart helemaal zelf uit te voeren en hen niet met onnodige kosten op te zadelen.

Het is een misverstand te denken dat begrafenisondernemers dit onderwerp mijden omdat aan een kist meer verdiend kan worden. Een fraaie lijkwade is duurder dan een standaardkist. Maar een punt is wel dat een overledene in een lijkwade of ander omhulsel minder makkelijk vervoerd kan worden dan in een kist. En vooral ook dat een kist hygienischer kan zijn dan een lijkwade. Een lichaam verliest altijd vocht. Dat vocht kan op de bodem van een kist worden opgevangen en vastgehouden met diverse middelen; het klassieke middel is houtschaafsel. Het vasthouden van vocht beperkt onaangename geuren. Bij een goede lijkwade moet men ook aandacht besteden aan het vochtverlies van een overledene.

Dat het wettelijk mogelijk is om een ander lijkomhulsel te gebruiken dan een kist betekent ook dat begraafplaatsen en crematoria ze moeten accepteren. Maar men kan wel extra regels of voorwaarden stellen. Men kan bijvoorbeeld een (slap) stoffelijk overschot niet zomaar in een oven schuiven. Probeert u zelf maar eens een mens die zijn spieren slap houdt, vooruit te schuiven. Men heeft dan een baar of andere stevige onderligger nodig om het schoffelijk overschot te kunnen hanteren. Dat geldt ook voor het vervoer.
Inderdaad hebben uitvaartverzorgers en personeel van crematoria ook graag dat een overledene in een lijkomhulsel niet erg herkenbaar is als mens. Het is toch iets anders als men een neutrale kist in een crematieoven schuift, dan een herkenbaar stoffelijk overschot. Dat roept soms ook bij professionals gemengde gevoelens op.

Met vriendelijke groet,

mr W.G.H.M. van der Putten

Deze tekst is overgenomen van Uitvaart.nl – Uw complete uitvaardgids

Lees verder

Alles over duurzaam begraven

Door de groeiende populariteit van natuurbegraafplaatsen komen er steeds meer natuurlijke grafkisten, urnen en lijkwaden op de markt. Esther Molenwijk bundelt de aanbieders en afnemers.

Haar eigen favoriet? Zonder te aarzelen stapt ze op een lijkwade van hennep af, grof geweven, op een baar van al net zo ruwe stokken. De opstelling doet denken aan een lijkverbranding in Nepal of India.

“Dit is geen hennep waar je stoned van wordt”, ontzenuwt ze eventuele bijgedachten. Van deze soort hennep zal ook een dode nooit meer stoned raken. “Het is zulk mooi puur materiaal. Een vergeten gewas. Heel goed geschikt om te gebruiken bij een plechtigheid op een natuurbegraafplaats. Er is geen kist meer nodig.” De lijkwade is gemaakt door Brenda Ensing van I Honour Thee. De naaister noemt het zelf ‘vergankelijkheidstextiel’. Perfect voor een plechtigheid op een natuurbegraafplaats.

Voor een meer traditionele begrafenis zijn er natuurlijk ook afbreekbare kisten van hout, zonder laklaag of fineer. Jan Wolkers zette te trend, met zijn ruwhouten kist. Dat is inmiddels geen innovatie meer. Een van de aanbieders is Van Wijk, een bedrijf dat al sinds 1925 uitvaartkisten in Capelle aan de IJssel produceert. Het model Natuurlijk 205 toont zelfs de randen van de boomschors nog. Spijkers komen aan de constructie niet te pas. De sluiting bestaat uit een houten draaischijf, die met touwen wordt gesloten. De kist is beslist fraaier dan die van Wolkers. Een kist van gevlochten wilgentenen zit ook in de collectie.

Heel wat netter oogt de calvinistisch strakke kist van Jos Mulder van DZU Uitvaartkisten in Apeldoorn. Ook hier: lokaal hout, maar dan strak geschuurd, calvinistisch bijna. De afkomst is bekend: het hout komt van populieren uit Biddinghuizen, het bos is daar FSC-gecertificeerd. Mulder: “We kunnen de herkomst van elke boom aantonen.”

Nog makkelijker en stukken goedkoper dan een kist, is het ingraven van een urn met de as van de overledene. Marion van Dam beschouwt zichzelf als een pionier, met haar aarden urnen. “Ongebakken klei. Grijs van kleur. Een stevige regenbui en de aarde valt vanzelf uit elkaar. Het is geen klei die je in de winkel koopt, maar klei die ik langs de rivier verzamel. Ik ben hier al vijftien jaar mee bezig”, zegt ze, ietwat verongelijkt. Het heeft voor haar gevoel wel erg lang geduurd voordat er een beetje belangstelling voor haar filosofie is gekomen: ‘een aarden omhulling creëren, die de as van het gestorven lichaam door de aarde heen begeleidt naar nieuw leven’. Ze toont een urn met de voetzolen van Buddha erin gekrast, symbool voor het afleggen van een lange weg. Deze gedecoreerde versie zal iets meer dan 250 euro gaan kosten, de basisprijs voor een urn.

Ook voor deze oer-urn bestaan er alweer wat chiquer ogende alternatieven. Heel betaalbaar, niet veel meer dan 200 euro, zijn de van papierpulp gemaakte vormen van Biodeco. In de vorm van bollen en schelpen zijn ze ook heel geschikt om op zee te plaatsen, waar ze de as naar een onbekende bestemming vervoeren, totdat het water het drijfvermogen zo heeft aangetast, dat alles ‘vredig’ zinkt: ‘De as zal daarna worden vrijgegeven aan de elementen’.

Voor ongeveer 100 euro extra zijn er de prachtige houten urnen van Trees Inside Out, uitgeholde boomstammen van alweer lokale bomen. Zelfs van het prachtige maar o zo moeilijke taxushout maakt Martin van der Wilt kunststukjes, met uiterst subtiele rafelrand. Zeg: een verwijzing naar het leven zelf, dat ook niet altijd gladjes verloopt. Op zijn iPhone toont hij een filmpje van de bijzondere bijtel die hij gebruikt om de urn uit te hollen: door de holle vorm veel moeilijker te realiseren dan het uithollen van een houten klomp. Het uiteindelijke resultaat is bijna te mooi om zo maar ergens onder de grond te stoppen, ook al is het tussen de wortels van oeroude eik. “Dat hoeft ook niet”, zegt de echtgenote van Van der Wilt: “Je kunt de urn ook afsluiten en in een kast zetten, om zo de overledene dicht bij je te houden.”

Dat lijkt ons iets lastiger met de lijkwaden en urnen van vilt, waar je de oorspronkelijke schapenvacht nog in terug ziet. De wol is afkomstig van oud-Nederlandse heideschapenrassen. Saskia Beentjes maakt deze ruwgevormde juweeltjes, die een pure uitstraling hebben. Warm ook. Kussentje erbij, voor het opbaren. “Het deksel van de urn is ook van vilt en naai ik met stevige steken vast”, vertelt ze. Haar bedrijf heet Koester.

Gaat duurzaamheidsadviseur Esther Molenwijk (1982) van Bureau Daadwerk met deze bundeling van aanbieders eindelijk een doorbraak forceren? Ze hoopt het. “Er zijn nu zes uitvaartondernemers die besloten hebben om dit aanbod standaard in hun pakket op te nemen. Daar zit het belangrijkste probleem. Vaak is het zo dat de familie na het overlijden van een dierbare plotsklaps duizend dingen tegelijk moet regelen, en dat in een periode van verdriet. Je kiest dan meestal een van de kisten uit die de uitvaartverzorger je aanbiedt. De branche is traditioneel ingesteld en loopt niet voorop met vernieuwingen. De branchevereniging staat er echter wel open voor en met zes koplopers onder de uitvaartverzorgers presenteren we nu de mogelijkheden voor het aanbieden van een groene begrafenis.”

Het initiatief kreeg dan ook een bijpassende naam: Green Leave, een groen vertrek.

En de cake dan, wordt het niet eens tijd om daar ook eens een wat duurzamer variant van te presenteren, na de herdenkingsplechtigheid? En de koffie? Is daar wel eens aan gedacht? Molenwijk heeft daar inderdaad bij stilgestaan. Ze adviseert de uitvaartbranche: “De cake kan biologisch zijn. Denk bij verlichting aan LED’s, bij de aanschaf van auto’s aan een maximale CO2 uitstoot van 110 gram per kilometer voor zowel benzine als dieselauto’s, bij koffie en thee aan keurmerken als UTZ, Max Havelaar, Rainforest Alliance of Fair Trade en bij papier aan FSC, PEFC of Nordic Swan.”

Op de website van Green Leave presenteert ze deze opsomming onder de kernprincipes voor een duurzame uitvaartondernemer. 
+ Goed werkgeverschap
+ Duurzame bedrijfsvoering
+ Duurzame inkoop
+ Eerlijk zaken doen
+ Maatschappelijke betrokkenheid

In het zomernummer van P+ People Planet Profit foto’s van de beschreven artikelen.

Lees verder